Ik heb ontzaglijk weinig foto’s van de Haventriathlon. ‘t Is namelijk nogal moeilijk om de twee te combineren, foto’s maken en op de pedalen trapppen. Gelukkig was Kleinen bereid om een paar fotokes te nemen van zijn mama. Niet dat ze echt toonbaar zijn, de foto’s van zijn mama en haar vriendinnekes na een triatlonneke in de haven. Maar ik vind ze toch goed geslaagd. Immers.
“De inspanning loopt zo van ons gezicht af.”
***
‘t Was nogal een adventure…de haventriathlon. We waren met zijn allen veel te vroeg te plaatse, Braven, vriendinnekes en ik. We hadden tijd over, tijd die Braven en ik hebben benut om te doen waar we specialist in zijn: het elkaar nerveus maken. Gelukkig kwam op een bepaald moment toch het verlossende startschot. (En was de missing chip net op tijd terecht.)
Nu, voor een aantal deelnemers was dat startschot niet zo gelukkig. Het water aan de start was voor velen veel te ondiep, de ondergrond voor een aantal pijnlijk scherp, de arrivé zeer bloederig. Nu, Braven die de triatlon op zijn eentje deed. En ons zwemmende C-girltje kwamen zonder kleerscheuren of zere voeten veilig terug uit het water. Oef. En eens Braven levend terug uit het water was, kon ik ook eindelijk wat rustiger worden. (Hij kan echt niet zwemmen…).
Toen ons C-girltje verrassend vroeg uit het water kwam en ik verrassend vroeg mocht beginnen fietsen, werd ik zelf enerzijds rustiger, anderszijds heel erg…opgewonden, actief, adrenaletisch, hoe zou ik het noemen??? Kijk, deel van mijn zenuwen waren gestuwd door faalangst. Ik ben het al redelijk gewoon om de laatsten binnen te komen op wedstrijd…maar ik wou ten alle tijden vermijden dat ons lopertje als allerlaatste zou moeten starten. En ik ben een trage fietser…Dat ons zwemmertje zo rap uit het water was, gaf mij wat meer speling. Snappie? Ik was dus enerzijds geruster, anderzijds…
Ik heb gefietst alsof mijn leven ervan af hing. Door de haven, over het brugje, voorbij Cewez…Braven had gezegd dat ik aan de Herdersbrug ongeveer in de helft was. Man, wè en wat was die helft ver. En wind dat er was. ‘t Schijnt dat ‘t wind achter was richting Herdersbrug maar het voelde mij als windop aan. De luchtweerstand zeker? Door mijn snelheid aangewakkerd??? Ik werd een paar keer voorbij gefietst door een paar individuenen maar kon niet inpikken. ‘t Ging me allemaal wat te snel.
Toen ik in volle vaart Lissewege op mijn tempo binnen vloog, kwam ik plotseling in Parijs-Roubaix terecht. Kasseien! Die heb ik op het gemak genomen. Dan weer volle vaart vooruit. Tot voorbij Ter Doest. Deju…Ter Doest is ver van de Herdersbrug. Een madammeke vliegt mij opnieuw voorbij en ik mee. Rechtoe, rechtaan. Maar toen we plots aan de brug waren, was zij ‘een beetje’ sneller in de korte bocht en stond ik er weer alleen voor.
Via ‘t water terug naar Zeebrugge. Daar ontdekt dat ik even ervoor wind achter had gehad. Terug gekoppeld naar mijn tweede schijf. Bij mezelf gedacht dat het daar wel echt mooi is om te fietsen. Terwijl gestampt. Gestampt. Gestampt. Man, ik was trots op mezelf. Don’t give a damn about mijn resultaten. Ik mag als allerlaatste binnen komen. Dit was echt fun!
Waarom doe ik dat niet méér? Mezelf naar die hartslagzone brengen waar je, je weetjewel, je zo euforisch, dinges voelt…???
Plots merk ik dat er een in mijn wiel hangt. Ik laat me niet kennen. Ik stamp verder. Hard.
Einde vaart. We worden gekruist door een groepje op terugweg. Arrivé, dacht ik. Nog een stuk windop en ik steek me netjes weg achter dien die zich daarnet achter mij weg stak. Als ik op den arrivé merk dat het niet den arrivé is maar een oprit en een keerpunt zakt de moed mij eventjes in de schoenen. Nog een kilometer of 4 zegt mijn volger. En ik besluit hem opnieuw efkes te volgen. Op een bepaald moment. Op het moment dat ik dacht dat het niet meer kwam, rijden we plots terug het havengebied in. Er komt dus toch nog een arrivé vandaag! Het laatste tandje, het beetje iets komt ergens uit en ik zet de laatste sprint in. Mijn volger volgt niet mee. Ik fiets mijn laatste kilometer tot er niets meer van mezelf overblijft. Rem aan de finish. Parkeer de fiets. Waggel naar de C-loper die dan aan haar 5 km mag beginnen. Als een van de laatste maar niet de laatste. Doelstelling bereikt. Na een goed half uur of zo, lopen we met zijn drieën over de finish.
Met dank aan de Kleine Braven die voor 20 euro bonnekes heeft gekocht en met dank aan PSA die den Braven met vanalles, onder meer met bonnekes heeft gesponsord, trakteren we onszelf met een paar flessen cava. Iemand brengt ons broodjes. En nog meer bonnekes.
Later op de avond volgt champagne en sushi in de tuin. En het absolute voornemen: volgend jaar terug, zeker weten!
