29 feb

29 feb zit er bijna op. We hebben dit extra dagje weer goed gevuld.

***

Morgen maart = lente!!!!

***

Ergernis van de dag: die leraars…één boodschap: we moeten allemaal langer werken, dus ja, jullie ook. Ook de blèter op Canvas. Wat een afgezaagde klaagzang.

***

Neen, en ook de eerste politiemadame kon me niet bekoren. Een mens kan al eens een beetje té veel mediatraining krijgen, vind ik.

***

Goeienavond, ’t is tijd voor Piv Huvluv.

En voor den Braven.

 

Omvangrijk

Ik ben moe. Het is dan ook al avond. Bijna middernacht. ’t Is deadline week Knokke Actueel. Ik zet dan graag een tandje bij. Vooral omdat ik vrijdag niet werk ook. En vooral omdat ik morgenvoormiddag mee met opa zijn nieuw gips ga halen en dus een halve werkdag zal verliezen. Die heb ik bij deze vanavond dus al ingehaald. En vrijdag zal ik zondag wel inhalen.

Voor ik nu afsluit toch nog een klein woordje over de gipsvlucht.

Het was dus knetter hé. Ik ben langer onderweg geweest van Knokke naar Brussel dan van Brussel naar Grenoble. Ik heb genoten van het zicht over de bergen. Van het vliegtuigeten. Dat voor ene keer weer goed was zoals in den ouwen tijd toen je nog gesoigneerd werd op een vliegtuig. (maar wellicht ook meer betaalde, maar nu heb ik niet moeten betalen, meer zelfs ik werd betaald, (niet voor de vlucht, voor mijn tekst hé) wat een absurde manier om mijn brood te verdienen).

Champagne please, vroeg ’t hostesstje. Ik …euh..no thanks.

Als ik aan het reporteren ben in ’t casino de zaterdagavond doe ik daar wel aan mee. Maar de zaterdagmorgen nog voor ik aan mijn werk was begonnen. Er zijn grenzen aan mijn decadentie.

Neen, neen, ik ben er meteen ingevlogen, op ’t vliegtuig en heb de dokter van dienst geïnterviewd over vanalles wat met gips te maken zou kunnen hebben, maar als je zo de foto van de Europe Assistence fotograaf bekijkt die mij in actie heeft getrokken, lijkt het wel of we iets helemaal anders van plan waren. Ik neem wel heel veel foto in beslag. En hij heeft veel hand. Dit terzijde. Ik dacht bij het begin van de vlucht, ik zal nu maar een keer met de dokter babbelen want straks steken de cameraploegen hun camera aan en dan heb je als garnaaltje niets meer te zeggen.

Alhoewel, er zijn er vansoorten.

Eens in Grenoble ben ik mee met de aasgieren op de eerste ambulance gevlogen die tot aan het vliegtuig werd gereden. Klik, klik, klik. Er lag een jongen van de leeftijd à la Stanny die wat te schurdig had geskied en nu een gebroken wervel had.

Wat vind je er hier van, zei de Europe Assistence man kort daarop. (Niet de dien van de foto, een anderen.) Ik voel mij een heel slecht soort journalist, antwoordde ik hem naar alle waarheid.

Je moet het educatieve ervan inzien, zei hij. Na de krokus gaan er nog veel mensen skiën. Dit is sensibiliseren. (sensibiliseren is ook commercieel interessant maar daar hoef je mij niet meer voor te motiveren, ik ben van principe dat je niet verzekerd genoeg kan zijn, ik heb  zelf een gescheurde ski-kruisband gehad) Bovendien hadden de patiënten met een blauw lintje toestemming gegeven om gefotografeerd te worden. De roodjes heeft iedereen volgens afspraak gerust gelaten.

Ik heb dus dan nog wat meer klik klik gedaan maar ik heb toen mijn strategie veranderd. Terwijl de aasgieren vlogen op de volgende ambulance ben ik binnen in het vliegtuig gestapt. En heb er op mijn alle gemak met de patiënten gebabbeld die er al in lagen. En ik ben gaan babbelen met de mens die ik op een ander moment zo onrespectloos was gaan fotograferen terwijl hij van den enen brancard op de andere werd getild. We hebben nog hartelijk gelachen.

Bang?

Twee arbeiders omgekomen op hun werk in de haven van Antwerpen.

’t Is altijd even slikken als we zo’n nieuws krijgen.

Als vrouw van ‘een dokker’. In Zeebrugge weliswaar. Maar ook hier.

We waren nog maar pas goed en wel samen, Den Braven en ik, toen hij de eerste keer thuis kwam met het nieuws dat een van zijn collega’s onder een container was gestorven.

***

Ben je bang, vragen mensen andere mensen soms. 

Ik citeer dan altijd Cedric, mijn favoriete basejumper.

“Als je niet bang bent, ga je dood.”

Weekend of zo

Vrijdagavond 8pm en een beetje.

Mijn seven o’clock interview heeft afgebeld (no worries we vinden wel een andere datum) met als gevolg dat ik een plotseling onverwachte vrijere avond heb dan voorzien die ik heb opgevuld met een heerlijk warm bad en huishoudelijke besognes.

Huisehoudelijke besognes inderdaad, morgen ben ik immers opnieuw weg, en dan moet het hier wat properder liggen dan anders hé (zie een der vorige kriebels).

’t Is vroeg dag morgen. Trein om 7am. Vlucht om 11am. Terugvlucht om 3pm. Tegen 6 of 7pm terug thuis. Ik moet wel gek zijn, maar ik ben ook gek. Ik heb in feite geen twee seconden getwijfeld toen ik de vraag kreeg om een heen en terugje te doen samen met de medici van de gipsvlucht om de gebroken benen van de voorbije krokusvakantie te gaan ophalen in Grenoble, en er dan ook nog voor te zorgen dat daar een verslag en foto’s van komt in De Zondag die een paar uur na landing in druk gaat.

Ik doe dat gewoon graag zo’n zotte opdrachten. Ik zie zelfs al uit naar een beetje me-time op de trein morgenochtend. Het is mijn vorm van ‘weekend’. Mijn Post voor mevrouw Bromley ligt al klaar, alsook mijn laptop en twee fototoestellen, reispilletjes en iets tegen mijn vliegangst.

Ja…ik ben niet alleen zot, ik ben ook gestoord.

Zondag…helaas. Mountainbike race in Knokke-Heist. Foto’s te maken on the beach. En ik die zo graag de zondagmorgen in mijn pijamasam hang tot ’s middags…’t zal voor een andere week zijn. Anderzijds. Op ’t strange gaan foto’s maken. Ik ken veel mensen met veel slechtere jobs, begot.

Zondagnamiddag, zwemwedstrijd.
Zondagavond, apero in de manege.

Time flies, zeggen ze dan.

Maar ik vlieg toch maar lekker mee.
Cheers, verwacht je aan veel foto’s na het weekend.

Als de werkdagen terug beginnen. Voor de andere mensen.

Want bij mij is ’t moeilijk te duiden waar ze beginnen en waar ze eindigen.

Gelukkig!

 

 

Over werk en gezin en de combinatie van beide, nog maar eens…

Gisteren afgeklopt op 332 hits op mijn bescheiden websitetje, en een gemiddelde van 58 views per 2 uur. De sociologe in mij houdt van statistieken.

Vandaag alweer opnieuw geïnspireerd. Een nieuwe discussie woedt immers al weer in de gazetten. Deze keer gaat het om de combinatie werk en gezin. Een eeuwenoude discussie zal ik hem niet noemen, maar toch eentje die al een tijdje mee gaat.

Het is namelijk niet zo vanzelfsprekend, vooral als vrouw niet, om die twee te combineren. Wars van alle feminisme is daar één verklaring voor: het zijn wij vrouwen die negen maanden zwanger zijn, die het kind baren en het met onze zelfgeproduceerde melk zogen. Nu mag je als vrouw zoveel op de barricaden staan roepen en tieren en gillen en hysterisch doen als je wilt…de natuur overstijgt ons in zijn kracht in vele vormen en facetten.

Ik vind stellingen, wetten en verplichtingen om zoveel vrouwen in topfuncties te installeren of zoveel vrouwen op een verkiezingslijst te zetten, dan ook dikke zever en quatsch in zakjes. De ene vrouw kan het, de andere niet.

Naast het baringsfenomeen zijn er, nog altijd volgens mijn bescheiden kriebelmening, nog andere doorslaggevende facetten in het al dan niet kunnen combineren van topcarrière en gezin.

Vooreerst is er nog een biologische factor. Ik heb gemerkt, in de vele interviews met vele verschillende mensen die ik de voorbije jaren al heb mogen houden, dat vele mensen in topfuncties, hetzij man, hetzij vrouw, weinig slaap nodig hebben. Meer zelfs. Vele van die enkel tussen 1am en 5am slapende topmanagers (die dan tussenin soms ook nog trainen voor een ironman) zijn adhd’ers die hun overtollige energie op positieve wijze hebben gekanaliseerd in lucratieve activiteiten zoals werk en sport en kinderen. (Kinderen ja…wat die topfunctievrouwen hebben niet één of twee kinderen, maar vier of vijf.)

Daarnaast is er de familiale factor. Ikzelve heb tijdens mijn zogende periode een radicale break genomen. Alles stil gelegd en thuisgebleven voor de kinderen. En believe me, dat was geen keuze. Alle kinderopvang in deze wereld ten spijt, is het zo goed als onmogelijk om uit te gaan werken als je daarbij 100% afhankelijk bent van crèches. Wat vele beginnende ouders, en zeker de domme bommoeders, niet weten of toch niet beseffen is dat een klein kind de beginnende jaren om de haverklap ziek is. En dat van de eerste koorts opstoot je dit kind niet meer naar een crèche moet brengen. Ik had tijdens mijn zogende periode geen moeder en schoonmoeder om hulp aan te vragen. We zijn blij geweest met elke vorm van opvang die we toen hebben gekregen, maar er was geen structurele hulp.  Wie dat wel heeft, beseft niet hoe gelukkig zij is.

Tot slot…is er ook het geld. Het zijn niet de topvrouwen in topfuncties met een vetbetaalde job en een au-pair of andere vorm van hulp in huis die het het lastigste hebben. Het zijn de simpele tweeverdieners die moeten wroeten en scharten om rond alle rekeningen betaald te krijgen. Dat ik mijn break heb kunnen nemen zoveel jaar terug, was alleen mogelijk omdat we toen een serieuze stap achteruit hebben willen doen. Allebei.

***

Vandaag…wat een luxe. Ik ben er op onwaarschijnlijke wijze in geslaagd een thuisjob uit te bouwen die me veel op de baan brengt, maar die me alle praktische zaken thuis kan laten afhandelen, zoals nu. Thuis aan het schrijven in mijn living, terwijl er nog eentje ligt te slapen, en eentje relax voor de ochtendtv zit te gapen. Straks een interview maar ze zijn al groot genoeg om een uurtje alleen thuis te blijven. Meer nog, ze doen niet liever. Ik heb nog altijd geen moeder en schoonmoeder, maar ik heb wel mijn Braven die sinds een paar jaar enkel nog vroeges en lates doet (in tegenstelling tot alle uren van de dag en de nacht in de pamperperiodes) en daardoor veel thuis is, graag thuis is en dan nog eens graag boven de kookpotten staat ook. Het evenwicht werk en gezin is gevonden. Al is het soms nog eens moeilijk natuurlijk, maar waar en bij wie niet?

 

ps. Vandaag thuis aan de computer. Morgen heen en terug naar Grenoble!